Trampolinespringen

Bij het trampolinespringen kun je goed spelen met de zwaartekracht. Hoe hoger je springt, hoe langer je in de lucht kan zweven en hoe meer salto’s je kunt maken! Dit lijkt misschien makkelijk, maar dat is het niet. Door de hoogte kun je heel vaak draaien en over de kop gaan. Dat maakt het wel heel spectaculair om naar te kijken en vooral heel gaaf om te doen! Door hard te oefenen leer je al springend je spieren op een goeie manier te gebruiken. Zo krijg je ook steeds beter het gevoel voor evenwicht en ritme. De grootste uitdaging van het trampolinespringen is om te voelen waar je bent in de lucht. Dit is belangrijk, zodat je na elke sprong weer de volgende sprong kunt maken. Binnen het wedstrijd trampolinespringen zijn er twee disciplines individueel en synchroon. Bij synchroon spring je tegelijkertijd met een partner, maar wel op allebei een andere trampoline! Toch is het de bedoeling dat je de oefeningen zo timet en uitvoert, dat jullie precies tegelijk gaan.

Om hoge, maar vooral mooie sprongen en salto’s te maken, moet je al je spieren perfect kunnen beheersen. En dat lukt alleen door te oefenen, véél te trainen. Al springende leer je je spieren te beheersen en te coördineren. Je verfijnt je gevoel voor evenwicht, ruimte, tempo en ritme. Onze trainster Gerlissa van de Groep doet zelf op landelijk en internationaal niveau mee met wedstrijden. Haar passie voor de trampolinesport wil ze graag met iedereen delen. En zo jonge kinderen het plezier en de uitdaging van het trampoline springen laten ervaren.

Zoek jij een uitdaging en wil je ook trampoline leren springen?
Geef je dan op! Vanaf 6 september 2017 starten wij met lessen trampolinespringen. Zie voor tijden het lesrooster.